|
Origine
:
De
Normandische Cob stamt af van de Bidets, kleine paardjes die in Bretagne en
Normandië leefden voor de periode van het Romeinse rijk. In de 10de eeuw stond
Normandië al bekend als één van de gebieden die het meest geschikt waren om
paarden te fokken. De kalkstenen ondergrond en de overvloedige graslanden vormen
er een ideale omgeving om paarden te laten opgroeien.
Kenmerken
:
De Normandische Cob is een koudbloed en is
één van de 9 trekpaardenrassen in Frankrijk.
De schouders zijn sterk en zorgen voor
opvallend ruime gangen. De hoeven zijn middelgroot en gezond. De stokmaat van de
Normandische Cob varieert van 1.60 tot 1.70 meter. De meest voorkomende kleuren
van de Normandische Cob zijn donkerbruin, lichtbruin en voskleurig.
Fokkerij
:
Normandië is altijd al beroemd geweest om de paardenfokkerijen, die al
duizenden jaren geweldige paarden fokten. Het Normandische paard vormde de basis
voor de Anglo-Normandiër, die zelf weer een voorouder werd voor de rij- en
lichte trekpaarden. In de 17e eeuw werd de Normandische Cob gefokt als rijpaard,
tuigpaard, en licht trekpaard.
Gebruik
:
De fokkerij stelt reeds jaren als doel : de nieuwe toekomst van het trekpaard.
Daarom worden
alle jonge hengsten vanaf 2 jaar individueel in een aangespannen dressuurproef
ter keuring voorgesteld. Hierna pas zal een bijkomende exterieurkeuring
bepalen of de hengst als dekhengst kan worden aanvaard.
De
resultaten wijzen er duidelijk op dat de Cob Normand een ruime voorsprong heeft genomen op
vele andere trekpaardenrassen.
Ruim 80 % van deze trekpaarden worden niet alleen als een goed allround
trekpaard maar ook als een fijn rijpaard gebruikt. Gebruikers noemen dit trekpaard
terecht :
Le
Cheval d'attelage pour le loisir en famille.
Voor
alle nodige contactadressen stuur je
gewoon een e.mail naar
info@trekpaarden.be
|